Liberalisme, progressivisme en links
5 minuten leestijd
Gastauteur

Liberalisme, progressivisme en links

Drie machten die samenspannen tegen de middenklasse

Liberalisme, progressivisme en links
5 minuten leestijd
Dit is een vertaling van het essay ‘Liberalism, Progressivism, Leftism’, het origineel is hier te lezen.

Naar mijn mening zijn er heden ten dage drie basale, onderling verbonden en elkaar versterkende ideologische systemen werkzaam in de westerse wereld. Te weten het liberalisme, het progressivisme en het ’linksisme'.

Met liberalisme bedoel ik het cluster van morele en politieke ideeen dat de nadruk legt op individuele rechten en zelfbeschikking. De liberale traditie is nu enige honderden jaren oud en het is noodzakelijk een een minimum van liberale beginselen te omarmen om deel te mogen nemen aan het discours van beschaafde mensen. Zelfs linksen moeten door deze hoepels springen.

“Progressivisme is in essentie een religieus geloof in de onstuitbare mars voorwaarts van menselijke vooruitgang.”

Eugyppius

Progressivisme is in essentie een religieus geloof in de onstuitbare mars voorwaarts van menselijke vooruitgang. Doorgedraaid of in de luren gelegd door de technologische vooruitgang van de afgelopen anderhalve eeuw, geloven progressieven dat het heden beter is dan het verleden en dat de toekomst beter zal zijn dan het heden. Ze zijn geneigd om pragmatische bezwaren op utopische idealen weg te wuiven door geloof in toekomstige, vooral technologische oplossingen. De toekomst zal beter zijn en wat beter is, moet doorgang vinden.

Als liberalisme het water is en progressivisme de verlichting, dan is linksisme de invasieve algensoort die het aquarium overwoekerd heeft. Het begrip moet in de breedst mogelijke zin gebruikt worden om alle egalitaire ideologieen te omvatten die ernaar streven menselijke ongelijkheid en natuurlijke hierarchieen te overwinnen door speciale technologische, sociale of juridische interventies. Linksisme wil, of wendt dat voor, een grote vervlakking of nivellering, een wereld waarin iedereen hetzelfde is.

Liberalisme draagt enige ideologische voorlopers van links egalitarisme in zich, zoals het idee van gelijkheid voor de wet. Anders dan linksisme echter, is liberalisme niet inherent tegen sociale of economische hierarchieen. Het principe dat alle vermogensongelijkheid slecht is, dat alle mensen biologisch identiek zijn, dat bevolkingsgroepen van Europese afstamming oneerlijk bevoordeeld zijn, dat identiteiten intersectioneel benadeeld kunnen zijn - dat is allemaal linksisme. In het bijzonder in het liberale westen, schrijdt het linksisme voort door zijn eis tot sociale en economische nivellering als het orgelpunt of de vervolmaakte vorm van liberale beginselen af te schilderen.

Vele westerlingen, wier perspectief gevormd is door de liberale traditie, zijn afkerig van de notie van elites überhaupt. Als elites zich misdragen, wel, dan komt dat doordat het smerige elitisten zijn die pogen om macht en vermogen voor zichzelf te vergaren. De waarheid is dat alle menselijke samenlevingen, zelfs liberale democratieen, aristocraten kennen. Of deze aristocratieen formeel erkend worden met rangen, titels en onderscheidingen of dat ze zich onder ons begeven als gelijken, doet er minder toe dan je zou kunnen denken. Mensen zijn hierarchische chimpanzees en we creeeren steeds weer dezelfde maatschappelijke structuren. Ik ben zelfs van mening dat het een van de grote tekortkomingen is van de hedendaagse liberale democratie dat het een informele elite voortbrengt - mensen die, vanwege geboorte of sociaal prestige over aanzienlijke macht beschikken, maar op grond van liberaal-democratische principes slechts toegestaan worden (of gedwongen) om dat te doen op een slinkse, informele, tussen-de-regels-door wijze.

De Reactionair

Boekenwinkel

Ondek onze grote collectie boeken, zoals Reactionary Modernism, in onze boekenwinkel.

Reactionary Modernism

Het probleem is niet zo zeer dat er elites zijn, als wel dat ze buitengewoon slecht zijn en zich tegen het volk dat ze onderhoudt hebben gekeerd. Dit is niet zonder historisch antecedent. Sommige facties van de elite tijdens de opkomst van het Europese feodalisme bijvoorbeeld ontwikkelden een vergelijkbare animositeit en roofzucht tegenover de onder hen gestelden. Maar dit is verre van de normale loop der dingen. In gezonde menselijke samenlevingen, delen de elites een basaal cultureel perspectief en een etnische identiteit met hun maatschappij. Net als ieder ander streven elites naar zelfverrijking en verwezenlijking van hun eigenbelang, maar idealiter delen zij en de onder hen geplaatsten voldoende gemeenschappelijke belangen om hun roofzucht te temperen en een zeker wederzijds respect te garanderen.

Ten slotte: het belang van politieke ideologie wordt vaak te sterk benadrukt, maar het doet er wel degelijk toe. Het is in het bijzonder belangrijk om politieke legitimiteit te vestigen, om de belangen van bepaalde groepen te coordineren en verbinden en om de vijand te aan te wijzen. Ideologie is grotendeels de reden dat onze huidige elite zo abominabel is.

Formeel gesproken is linksisme een egalitaire ideologie die ernaar streeft om maatschappelijke en economische hierarchieen plat te slaan, maar in de praktijk wordt het gekenmerkt door allianties tussen hoog en laag, waarbij sommige facties van de elite hogere status (onder het mom van gelijkheid) beloven aan deze of gene groep aan de onderkant, in ruil voor hun loyaliteit in de strijd tegen rivaliserende facties die streven naar macht en rijkdom, of die zich nu aan de top bevinden of in het midden. Je zou linksisme een tactische ideologie van revolutie kunnen noemen, aangezien het vooral een middel is om de heersende orde op zijn kop te zetten. De fantasie die links aan de man brengt, is een wereld van totale gelijkheid, maar die zal nooit verwezenlijkt worden. Op z’n best ruilt een voltooide linkse revolutie een verzameling meer traditioneel georienteerde elites in voor een nieuwe, schimmige elite van partijgetrouwe apparatsjiks.

Een diffuus cultureel linksisme heeft door een hoop verschillende oorzaken onze instituties stormloopsgewijs overgenomen. Dit biedt elites een overvloed aan mogelijkheden om met behulp van het institutionele apparaat hoog-laag-allianties aan te gaan tegen de modale middenklasser. Hun doel is om zich het culturele en politieke kapitaal dat deze middenklasse in de loop van de industriele revolutie en de eerste helft van de twingste eeuw verworven heeft, toe te eigenen.