Wortelt communisme in het Evangelie?
Christelijke antikapitalisme door de eeuwen
GeschiedenisCommunisme is veel ouder, maar anders dan Marx. De eerste christenen leefden in gemeenschap van goederen, zoals te lezen in het boek Handelingen 4:32,34. Ze verkochten hun huizen en land en deponeerden het geld aan de voeten van de apostelen. Het werd onder allen verdeeld, en niemand was in nood. Wie stiekem geld achterhield, wachtte zware straf - gezien het echtpaar dat de apostel Petrus bestraffend toesprak en die dood ter aarde vielen (Handelingen 5:1-6).
De Spaanse filosoof Juan Donoso Cortés betoogt in zijn essay over het katholicisme, liberalisme en socialisme uit 1850, dat het socialisme de uiterste consequentie was van het liberalisme. Hij herhaalt dat het communisme evangelische wortels heeft. Daarbuiten, als het een systeem wordt, perverteert het en leidt het tot onderdrukking.
Een treffend voorbeeld van evangelisch communisme gaf de periode tussen 1610 en 1773 te zien in het hart van Zuid-Amerika. De jezuïeten hadden de zwerfindianen vanuit het kustgebied weggevoerd naar een moeilijk toegankelijk stuk binnenland achter hoge watervallen. Dit, om te voorkomen dat ze door kolonisten gevangen werden om op hun suikerplantages te werken. De Compagnie van Sint Ignatius was tegen slavernij. De priesters doopten de inboorlingen, die tot de Guarani en Tupi behoorden, en leerden ze een sedentair bestaan te leiden en te leven van de landbouw. Er ontstonden verspreide reducciones, elk onder beheer van twee jezuïeten, waar ieder naast een eigen lapje grond ook het gemeenschappelijk land bewerkte. Maté was hun voornaamste exportproduct, en dat ruilden ze tegen landbouwwerktuigen die de kolonisten aanbrachten, zonder dat deze de reducciones in mochten. In de loop van de tijd werden ze bij herhaling overvallen door Portugese en Hollandse slavenjagers, want christelijke slaven waren op de markt van São Paulo meer waard dan hun heidense rasgenoten. De priesters kregen van de Spaanse koning toestemming om uit hun Indianen een leger te rekruteren ten einde hun gebied te verdedigen. Maar de kolonisten waren de reducciones een doorn in het oog, en toen in 1773 de Societas Jesu door de paus werd opgeheven, moesten de jezuïeten wereldwijd verdwijnen uit alle katholieke landen. Er kwam een einde aan de ‘muzikale utopie’, zoals getypeerd in brieven uit die tijd. Het idee wekte bewondering in Europa, niet alleen van reactionairen als Chateaubriand en Joseph De Maistre, maar ook van de erkende kerkhater Voltaire en de atheïst Karl Marx.
Communisme is een permanente tendens in de mens. Los van politieke ideologieën en tijdelijke staatsvormen. Samen delen blijft een uitdaging voor het economische imperatief. De sociale leer van de katholieke Middeleeuwen die door de Revolutie van 1789 onderuit werd gehaald, leidde tot het burgerlijk kapitalisme dat gepaard ging met de verkoop van de kerkelijke goederen, gepaard met de ontheemding van wie daarop werkten. Dat, opgeteld bij de industrialisatie die arbeiders aan het land onttrok om in fabrieken te werken tot ze erbij neervielen, verklaart mede het Communistisch Manifest van Marx in 1848.
De kerk reageerde pas laat, in 1891, met de encycliek Rerum novarum waarin paus Leo XIII de fabrieksarbeiders een hart onder de riem stak tegen hun liberale patroons. De vakbond verscheen, de staking werd mogelijk, alsmede het meedoen met het politieke proces onder de noemer christendemocratie. In 1955 stelde paus Pius XII de Eerste Mei in als katholieke dag van de arbeid onder het patronaat van Sint Jozef. Dit, als tegenwicht tegen de viering van die dag door de rode bonden en partijen.
Aan het staatscommunisme kwam in Europa een eind met de Val van de Berlijnse Muur in 1989. Maar alles blijft draaien om eigendom. In Tsjecho-Slowakije bijvoorbeeld: “Heb je gezien hoe de bourgeoisie na veertig jaar communisme in korte tijd weer helemaal hersteld was?” En de marxistische diehards “hebben het op duizend verschillende manieren overleefd, sommigen hebben gevangen gezeten, anderen zijn uit hun functie gezet, weer anderen hebben zich zelfs heel goed weten te redden en een briljante carrière gemaakt als ambassadeur of hoogleraar. Nu beheersen ze de banken, de kranten, het parlement, de regering.” Aldus de Tsjechische schrijver Milan Kundera in L’ignorance (2000).
De Sovjet-Unie bleek na zeventig jaar een economisch fiasco. China werd een economisch succes door communisme met kapitalisme te combineren. Het kapitaal bleef er ondergeschikt aan de Staat, omgekeerd aan de VS waar het kapitaal de Staat bepaalt.
De wisselwerking tussen globalisering en eigendomsrechten is complex en vormt een hoeksteen van de moderne wereldeconomie. De communistische trend blijft in de EU vooralsnog beperkt tot kleine gemeenschappen die zoveel mogelijk los opereren van de gevestigde staatsbesturen. Hun welslagen hangt af van de wisselende omstandigheden.
Zoiets als de communistische theocratie van de jezuïeten was een unicum in de geschiedenis. Anderhalve eeuw lang. Verspreid over oostelijk Paraguay, aangrenzend Brazilië, Uruguay, Argentinië en zuidoost Bolivia. Maar toen had de Kerk nog macht. De opheffing van de orde van Ignatius betekende tevens het einde van de macht van de Kerk.
